Afghanen mogen naar de stembus, maar niet zonder angst en geweld

Afghanistan kiest morgen een nieuwe president, voor de derde keer sinds de verdrijving van de Talibaan in 2001 en de vestiging van de democratie. Wie er ook wint, hem wacht een loodzware taak. Zijn land – een van de armste en corruptste ter wereld – zucht onder etnische rivaliteit, een wankele economie en een burgeroorlog tussen de Talibaan en anderen tegen de overheid en de door de NAVO geleide veiligheidsmacht die steeds feller wordt.

Ook voor het Westen staat er veel op het spel. Ontaardt de verkiezing door fraude en geweld in een chaos, dan kan dat ook worden uitgelegd als een mislukking van de NAVO, die al ruim een decennium poogt om Afghanistan op orde te krijgen.

De nieuwe president zal het zwaar krijgen. Eind dit jaar verlaten de NAVO-troepen het land. Het is onduidelijk of er militairen achterblijven voor missies tegen terrorisme en training van de Afghaanse veiligheidstroepen. President Karzai heeft koppig geweigerd het akkoord met de VS dat dit mogelijk maakt, te tekenen.

Zelfs als de nieuwe president het verdrag meteen tekent, is nog maar de vraag of er genoeg tijd is voor de militaire planners om een opvolgingsmissie op poten te zetten. Dit zou betekenen dat de Afghaanse veiligheidstroepen er – op zijn minst tijdelijk – alleen voor staan in de oorlog met de Talibaan. Verwacht wordt dat vooral de afwezigheid van een effectieve luchtmacht en Amerikaanse special forces de Talibaan voordeel zal bieden.

De Talibaan hebben de bevolking gewaarschuwd zich niet in te laten met de verkiezingen, die volgens hen een instrument zijn van de Amerikanen om controle te houden over het land. De afgelopen weken pleegden ze aanslagen op kantoren van de kiescommissie, het ministerie van Binnenlandse Zaken en een hotel en een pension van een westerse organisatie in Kabul. Er vielen tientallen doden. Vanmorgen werden in het oosten weer twee journalisten neergeschoten – een dode en een zwaargewonde. De tv-debatten tussen de kandidaten zijn om veiligheidsredenen afgezegd.

Oppervlakkig gezien lijkt de economie het goed te doen. Tussen 2003 en 2013 groeide die met gemiddeld 12,5 procent per jaar. Maar dat is vooral veroorzaakt door het infuus van internationale hulp, waardoorheen al ruim 60 miljard dollar stroomde. Volgens sommige schattingen hangt de overheid voor 90 procent van haar uitgaven af van buitenlandse donoren en ook verder draait de economie, afgezien van de grote, illegale drugssector, goeddeels op buitenlandse hulp.

Niet op eigen benen

Internationale donoren hebben aangegeven de hulp te zullen afbouwen na het vertrek van de NAVO eind dit jaar. „Afghanistan kan economisch niet op eigen benen staan”, zegt Noor Ebad, hoofd van de economische faculteit aan de Universiteit van Kabul. „Het zijn vooral de dienstensector en de luxe winkels die voor die groei zorgen. Dat zal stoppen als Afghanen geen goede salarissen meer verdienen bij internationale organisaties. Wat we nodig hebben zijn fabrieken voor de export. Maar we zijn de laatste jaren alleen maar meer gaan importeren.”

Ook de krijgsheren die tijdens de anti-Sovjet- en anti-Talibaanoorlogen met hun milities macht verworven, kunnen een hindernis vormen voor de nieuwe president. Een van de presidentskandidaten, Gul Agha Sherzai, is een notoir krijgsheer. De vicepresidentskandidaat van Ashraf Ghani, Abdul Rashid Dostum, eveneens. Voordat hij Dostum als running mate koos, noemde Ghani hem ooit „een massamoordenaar”. Presidentskandidaat Abdul Rassul Sayyaf leidde eerder een militie waarin Arabieren meevochten. Van hem wordt gezegd dat hij Al-Qaeda-leider Osama bin Laden in de jaren 80 uitnodigde naar Afghanistan om mee te vechten tegen de Russen.

„Het is van het grootste belang dat we zorgen dat de verkiezingen een succes worden, met zo min mogelijk fraude”, zegt Ahmed Nader Nadery, voorzitter van het Free and Fair Election Forum of Afghanistan (FEFA) in Kabul, dat honderden waarnemers zal inzetten in de stemlokalen. „Alleen zo kunnen we de Talibaan laten zien dat onze democratie succesvoller is dan hun fundamentalistische systeem.”

Het is onwaarschijnlijk dat een kandidaat een absolute meerderheid haalt in de eerste ronde. Een tweede ronde kan maanden op zich laten wachten. President Karzai kan dus nog wel even blijven zitten.

De drie belangrijkste kanshebbers morgen Ashraf Ghani: bekwaam maar mist achterban

Economisch expert Ashraf Ghani, ex-minister van Financiën en voormalig employé van de Wereldbank, is de kandidaat die het dichtst staat bij westerse waarden. Volgens opiniepeilingen heeft hij ongeveer evenveel steun als zijn rivaal Abdullah Abdullah en zou hij 25 tot 30 procent van de stemmen kunnen vergaren, maar hij heeft geen eigen hechte etnische of tribale achterban. Dat heeft hij deels proberen te ondervangen door de voormalige (beruchte) Oezbeekse krijgsheer Abdul Rasheed Dostum als zijn kandidaat voor het vicepresidentsschap aan te stellen. Maar dat kan veel etnische Pashhtun, Ghani’s eigen etnische groep juist weer afschrikken.

Abdullah Abdullah: zou land kunnen verenigen

Abdullah Abdullah is een voormalige minister van Buitenlandse Zaken, die het al eens opnam tegen president Karzai, tijdens de verkiezingen van 2009. Die werden gekenmerkt door grootschalige fraude. Toen eindigde hij als tweede. Abdullah, een oogarts, speelde een grote rol in de Noordelijke Alliantie, een front van anti-Talibaanmilities dat met steun van de VS de Talibaan in 2001 verdreef. Hij is half Pashtun, half Tadzjiek; maar de meeste Pashtun zien hem als een Tadzjiek. Sommige analisten denken dat hij een verenigende rol kan spelen in Afghanistan, waar etnische conflicten snel opspelen.

Zalmai Rassoul: staat dichtbij president Karzai

Zalmai Rassoul, een andere voormalige minister van Buitenlandse Zaken, stond er aanvankelijk niet best voor. Maar nadat Qayyum Karzai, een broer van de huidige president zich uit de race had teruggetrokken, is de steun voor Rassoul toegenomen. Hij zou nu ook de favoriet zijn van president Karzai. Nu is het vooral Rassoul, opgleid als arts, die Karzai’s belangen lijkt te dienen. Analisten denken dat de president, die interim-president werd in 2002 en sindsdien met geld en politieke gunsten een breed netwerk heeft opgebouwd, zal proberen achter de schermen invloed op het landsbestuur te houden via Rassoul.


(Dit artikel is verschenen in het NRC Handelsblad van vrijdag 4 april 2014 op pagina 13. Door Joeri Boom.)